Hoera, ik heb weer kunnen hardlopen!!
Nou ja hard ...

Op 21 maart jl. ben ik voor 97% in het OLVG van mijn hartprobleem af geholpen (zie mijn vorige column).
De avond voor de ingreep kreeg ik, terwijl ik autoreed, weer last van boezemfibrilleren, nadat ik dat al drie maanden niet meer had ervaren.

Ik werd duizelig, pakte mijn pols om mijn hartslag te tellen en ja hoor, veel te snel. Zo snel, dat tellen niet meer lukte! De auto moest aan de kant, maar dat ging moeilijk op dat moment, dus voor het rode stoplicht deed ik mijn ademhalingsoefeningen, met het raam open voor de broodnodige frisse lucht.
Altijd baalde ik als dit weer gebeurde, maar nu zei ik keihard in de auto “YES, morgen gaan ze er wat aan doen!”

De volgende ochtend lag ik op de OK, met heel wat apparatuur om mij heen. Het leek wel een cockpit van een vliegtuig. De cardioloog, dokter Kimman, kwam een praatje maken en vroeg hoe het met mij was. Ik zei dat ik erg blij was dat ik er was. Deze reactie had hij niet zo verwacht, maar hij begreep het beter toen hij hoorde dat ik de avond ervoor zo’n last had gehad van mijn hart.

Veron na zijn operatieNu ik dit opschrijf, is net in het nieuws gekomen dat wielrenner Robert Gesink ook last heeft van boezemfibrilleren. Gesink is er angstig bij (dit zei hij zelf en ik zie het ook aan hem) en dat versterkt de hartritmestoornis. Maar ik begrijp hem wel; in het ultralopen verdiende ik niks (ik betaalde juist om mee te doen aan het Nederlands Kampioenschap) maar de belangen in het fietsen zijn groot.
Ik zal het verhaal niet te lang maken over mijn atypische AVNRT, want dat bleek het dus te zijn. Na een uitgebreide zoektocht in mijn hart (waar ik al ruim 100.000 km mee heb hardgelopen) vond dokter Kimman het probleem, al moest er wel veel medicatie via mijn lies naar mijn hart om het op hol te laten slaan.
De dokter kon zien dat ik aan duursport doe, omdat mijn hart zo rustig was. Hij vroeg zich af hoe je dat doet, 100 km hardlopen. “Gewoon dokter, vooral de geest doet het”, zei ik. Uiteindelijk liep ik 4 uur na de ingreep alweer te “trainen”: op de afdeling wandelde ik met een kastje op mijn lijf naar mijn eerste bezoek. Ik had een shirtje aan van het Keniaans Nationaal team, dat hielp!

Door de ingreep kon ik dus niet een week later naar Kopenhagen, waar de Wereldkampioenschappen halve marathon werden gehouden. Onder andere Nguse Amlosom (hij werd 5e in precies 1 uur!) en Ghirmay Ghebreselassie (7e in 1 uur en 10 sec) uit Eritrea namen hier aan deel en ik zou hen daar begeleiden. Ik moest hen uitleggen dat ik aan mijn hart werd geholpen, maar dat is voor hen en ook voor de Keniaanse atleten moeilijk te begrijpen.
Ik heb mijn best gedaan om het uit te leggen en om ze gerust te stellen, want omdat het met het hart te maken heeft, maakten ze zich nogal zorgen. In Kenia en Eritrea zijn ze niet zo bekend met dit soort ingewikkelde ingrepen. Daardoor realiseer je je weer beter wat een wonder het is wat ze hier allemaal kunnen in het ziekenhuis. Ik ben blij hier geboren te zijn!

De Nea ultralopers Robert Boersma en Edwin Otto hebben weer een huzarenstukje laten zien. Robert liep Milaan-San Remo. Een bekende wielerwedstrijd, maar nu was het dus hardlopen over 285 km! Robert deed dat geweldig: hij eindigde als 7e in 39 uur, klasse Robert!
Edwin deed de Jan Knippenberg Memorial, van Hoek van Holland naar Den Helder over het strand. Hij liep de 125 km in ruim 16 uur. Deze afstanden doen andere (“gewone”) mensen met de auto, trein, bus en sommigen dus met de fiets, maar gelukkig zijn er ook bijzondere mensen!
Zelf ben ik nog niet toe aan zulke afstanden… Wel ben ik rustig aan begonnen met trainen. In een tempo van zo’n 12 à 13 km per uur kan ik alweer een uurtje lopen en dat doet mij deugd.
Een erg fijn gevoel dat ik daarbij -zo goed als zeker- geen last meer kan krijgen van boezemfibrilleren!

 

Kwaheri!

Volg ons op Twitter
Praat mee op Disqus
Volg ons op Facebook